Jan (70) heeft decennialang hard gewerkt om een stabiele financiële basis op te bouwen. Nu hij met pensioen is, wil hij eindelijk genieten van wat hij heeft opgebouwd. Maar binnen de familie zorgt één onderwerp voor wrijving: de erfenis. Waar veel mensen ervan uitgaan dat ouders hun vermogen automatisch aan hun kinderen nalaten, ziet Jan dat anders.
Binnen zijn vriendenkring en familie krijgt hij regelmatig opmerkingen dat hij ‘egoïstisch’ zou zijn. “Sommigen vinden dat ik mijn geld moet sparen voor mijn kinderen, maar ze vergeten dat ik altijd voor hen gezorgd heb. Ze hebben nooit iets tekort gehad en zijn nu volwassen mensen die hun eigen leven leiden,” zegt hij resoluut.
Jan is altijd een betrokken vader geweest, maar hij voelt zich niet verplicht om zijn spaargeld door te geven na zijn overlijden. “Ik wil reizen, nieuwe ervaringen opdoen en zorgeloos van mijn pensioen genieten,” zegt hij. “Waarom zou ik blijven sparen voor iets waar ik zelf nooit plezier van zal hebben?”
Genieten van het hier en nu
Voor Jan draait het leven om het moment. Zijn kinderen zijn inmiddels volwassen en financieel zelfstandig. Toch blijft het een gevoelig onderwerp binnen de familie. “Ze denken dat ik hen iets ontneem door mijn geld te besteden, maar ik zie dat heel anders. Het leven gaat niet over wachten op een erfenis, maar over het zelf opbouwen van een toekomst.”
Hij is ervan overtuigd dat financiële onafhankelijkheid een waardevolle les is. “Ik heb zelf mijn weg moeten vinden en ik geloof dat dat voor hen ook beter is dan te rekenen op geld dat ze niet zelf hebben verdiend.”
Geen verplichtingen, alleen keuzes
Volgens Jan voelt de druk om een erfenis achter te laten als een verwachting die hem wordt opgelegd, terwijl hij daar nooit bewust voor heeft gekozen. “Mijn pensioen is er niet om weg te geven, maar om mij een fijne oude dag te bezorgen. Als mijn kinderen in nood zouden zitten, zou ik ze natuurlijk helpen, maar dat betekent niet dat ik alles zomaar moet weggeven.”
Zijn kinderen brengen het onderwerp regelmatig ter sprake, maar Jan blijft bij zijn standpunt. “Ik heb hen alle kansen gegeven om een goed leven op te bouwen. Ik ben trots op wat ze bereikt hebben, maar dat betekent niet dat ik mijn eigen dromen opzij moet zetten voor hun toekomst.”
Leven zonder spijt
Jan is ervan overtuigd dat je het leven niet moet uitstellen. “Ik heb het recht om mijn geld uit te geven zoals ik wil. Ik heb er hard genoeg voor gewerkt,” zegt hij vastberaden. “Wat ik mijn kinderen wil nalaten, is niet een bankrekening, maar de herinneringen die we samen hebben gemaakt en de waarden die ik hen heb meegegeven.”
Hoewel zijn kijk op nalatenschap niet door iedereen wordt gedeeld, weet Jan dat hij de juiste keuze maakt voor zichzelf. “Veel mensen voelen zich verplicht om hun vermogen door te geven, maar ik geloof dat je moet leven zolang je de kans hebt. Waarom zou ik blijven sparen voor later, als ik nu de vruchten van mijn inspanningen kan plukken?”
Jan kiest ervoor om van zijn pensioen te genieten zonder schuldgevoel. Hij is ervan overtuigd dat zijn kinderen, ondanks hun bezwaren, uiteindelijk zullen inzien dat geluk niet afhangt van een erfenis, maar van de manier waarop je je eigen leven vormgeeft.
